Brussels International: Grażyna Plebanek (fragment)

Grażyna Plebanek
24.03.2021
Auteurstekst
Plebanek tree

Vanaf dit jaar presenteert Passa Porta je onder de noemer 'Brussels International' een aantal interessante buitenlandse auteurs die in België wonen en werken, literaire expats die het zeker verdienen om meer aandacht te krijgen. Ze staan te popelen om ook door jou ontdekt en gelezen te worden. Op het Passa Porta Festival 2021 wijdden we er alvast twee voorleesprogramma's met 'Nieuwe stemmen' aan.

Een van die literaire buren is de Poolse romanschrijfster, scenariste en journaliste Grażyna Plebanek. Dit jaar publiceert zij in Polen een nieuw boek met literaire essays over het 'dierlijke' in Brussel, geïllustreerd foto's die werden genomen door haar jongste zoon. Bij wijze van avant-première las zij op het festival alvast één mooi fragment voor, hier in een vertaling van Alexandre Popowycz.

-

Gewekt door een haan


Langs de verkeersaders van de stad, via steegjes verduisterd door het zwijgen, over schaamte die de grond werd ingestampt, nam Brussel me mee op een tocht door zijn onderbewustzijn. Ik zag verdrukking, ontvoering en verkrachting. De hardvochtigheid van een Koning en de Kracht van het vrouwelijke, een creatieve energie die al lang is uitgekeken op steeds die blinde drang tot macht, hiërarchie, patronen en routines.

Mijn stad is dierlijk, heidens, goddelijk. Menselijk. Niet-koninklijk. Met wortels en kronen, met modder en licht.

Met Erasmus van Rotterdam, die ooit in Brussel, meer bepaald in Anderlecht, woonde, zeg ik dat ‘het vaderland daar is, waar je je thuis voelt’. Dat kan een land zijn, of een taal, zoals de Portugese dichter Pessoa dacht. Het kan ook een stad zijn.

Het proces van adopteren en geadopteerd worden, en hoe je daarin groeit: een boom groeit net zo. Zonnige zomers en de pijn van inkepingen vormen opeenvolgende lagen vol ervaringen. Het is een langzaam en spontaan proces dat je niet kunt overhaasten. Er bestaat geen ‘Bru-pilletje’ dat je maar hoeft door te slikken, en hop: je kent de stad, je bent een deskundige die weetjes en feiten uitbazuint, het ene nog ‘objectiever’ dan het andere. Niets is objectief, al zeker niet een stad of je band ermee, ook al hadden jullie een one night stand.

De relatie met een stad is een beweging die nooit ophoudt, een veelvuldig herhaalde aanraking. Je streelt altijd diezelfde trapleuning, je schurkt je aan tegen een bekende muur, op verschillende momenten van de dag en de nacht. Als ik dit boek tien jaar eerder had geschreven, zou het mogelijk een fabuleuze lijst geworden zijn van places-to-be en clubs-to-see, indrukken van concerten, kunstgalerieën, theaterbezoeken. Had ik het vijf jaar geleden geschreven, dan was het misschien een odyssee geworden in het spoor van de woorden en daden van activisten, langs gesprekken over de ‘Ander’, over hoe ‘wit’ nog steeds universeel is, en ‘mannelijk’ nog steeds de norm.

Nu, in het vreemde en buitenissige jaar 2020, is er een gidsdier verschenen dat ons naar het onderbewustzijn van de stad kan leiden. Deze tijd dwingt ons om al onze musts, onze must-haves en have-to-be’s nog eens onder de loep te nemen. Hij vraagt om de blik naar binnen te richten. Dan krijgt de aankoop van het zoveelste gadget iets grotesks en gevaarlijks, want de mode is een grote milieuvervuiler. En de drang om steeds nieuwe mensen te leren kennen herinnert aan het New Yorkse hedonistische kapitalisme uit Sex and the City, een serie die zo’n cliché is geworden dat ze vandaag niet meer bekijkbaar is. Sowieso is het moeilijker om op te vallen met een mondmasker aan.

Anno 2020 is genoegzaam bekend dat onze planeet het hard te verduren heeft: soorten sterven massaal uit en wij, die daar als agressiefste soort de verantwoordelijkheid voor dragen, dromen van een ‘terugkeer naar het normale leven’. Het normale heeft nooit bestaan, niks dat daar beter van getuigt dan de geschiedenis van deze - en iedere andere - stad. Aan al wie weigert dit onder ogen te zien, draag ik de kreet op waarmee ik ooit een man afscheid hoorde nemen van zijn kompaan (allebei met maskertje op) in een Brusselse straat waar de ironie van af droop:

‘Allez courage, bonne dépression!

Ik sta tegen een boom in het Ter Kamerenbos en voel op mijn huid zijn brokkelige bast. Ik noteer de zinnen die in mijn hoofd en in mijn buik opkomen als ik hier ben, in deze stad, met haar geschiedenis waarvan ik sommige snippers ken en andere aanvoel, en waarin ik mijn eigen reeks gebeurtenissen, indrukken en gewaarwordingen heb verweven.

… Wanneer een stad je adopteert ...

… Een stad met ogen als meren …

… Een rivier en haar zijarmen - de geheime draden van het stadsgaren …

… Een koning die bang was voor vrouwen …

… Een stad die haar klompen aantrekt - daken worden tuinen, compostbakken stutten de kerkmuren …

… Dat Brusselse gevoel voor humor …

… Een stad die er voor je is, je gelukkig maakt, je wiegt, aan het lachen brengt, inspireert …

… Wiens geschiedenis is dit? De mijne …

Maar ook die van jou. Wie weet vind ook jij een Brussel dat van jou alleen is, en ontdek je je eigen paden, zoals Zinneke. Want deze stad kan je niet objectief begrijpen. Je kan op een toeristencircus stuiten of op godvergeten fabrieken, of je schurkt je aan tegen pretentieuze blokken, onvoltooide wolkenkrabbers, stomme neonlichten.

Miskleunen zijn oké, zolang ze maar van jou zijn. Je moet een lange weg gaan, traag de dingen diep in je opnemen, voorvoelen, voelen in je lichaam, in je heupen, in je voeten na het urenlange polijsten van trottoirs. Alleen zo word je een flaneur, een stadsnomade.

Misschien lukt het je. Misschien. Misschien ook niet.

Vertaald uit het Pools door Alexandre Popowycz

Foto: Maciej Jan Strupczewski, Brussel


-

Grazyna Plebanek photo Robert Maslow

Grażyna Plebanek (1967) is een Poolse schrijfster en journaliste die in 2005 naar Brussel verhuisde. Naast columns voor Polityka, Wysokie Obcasy Extra en Trendy schrijft ze proza en (theater)scenario’s. In 2012 publiceerde Storkpress de Engelse vertaling van haar boek Illegal en in 2019 verscheen Furie in een Franse vertaling bij Le Livre de Poche. Ook publiceerde zij al kort proza in het Vlaamse literaire tijdschrift DW B. Centraal in haar werk staan thema’s als boksen, gender, moraal, verlangen, erotiek, geweld tegen vrouwen en multiculturalisme. (Auteursfoto: Robert Maslow)

Grażyna Plebanek op het Passa Porta Festival 2021

Grażyna Plebanek
24.03.2021