Are you a real monster, ha ha?
Enkele maanden voor haar zelfmoord in 1963, schetste de Amerikaanse schrijfster Sylvia Plath een getroubleerd beeld van deze mythologische figuur in Medusa, een gedicht waarover veel is geschreven en dat een van haar meest mysterieuze blijft. We vroegen aan drie auteurs om een antwoord op dit gedicht te schrijven dat tegelijk een persoonlijke en hedendaagse visie op de mythe zou zijn. Hier lees je de tekst van Astrid Haerens, Vlaamse dichteres en auteur (Erosie).
We kunnen een cultuur begrijpen aan de hand van wat of wie hij
als monsters buiten zijn normatieve grenzen duwt.
Ja, over mij wordt gesproken
met lispelstemmen, hoor je
dat taaie fluisteren dat
ruttukku ruttukku hmmmmm
rondom mijn rollend hoofd
fluwelen tornado’s van
ademhalingen
hè hè hèèèèè
weer uit
de roddelende zeewind
brengt met zich mee
een aanhoudend
overstuurd geruis
hoor ze konkelen, zuchten
kogellachen rond mijn hoofd
dat rolt en rolt en hoort
you clumsy snake girl, Medusa
Was the sexiest woman in history, one look at her
And you would be hard instantly, ha ha ha
are you alive or are you dead, are you
a real monster, ha ha?
nochtans sliep ik vroeger
voortreffelijk, een tevreden
misbaksel warmmuf kruimelend
oogetter de benen open
tussen mijn weirde zussen in
los-ontspannen bekkenknoop
een deinende, sissende hoop
warme natte kleihuid
ja, over mij wordt gefluisterd
zalvend, messcherp
je vroeg erom, Medusa
je vroeg erom – vijftien eeltige handen
omspanden mijn klemkaken
speeksel dat in en nog en
dat bleke oogwit
bespuugd r r rillend
en open
lag ik
en stervormig
en helemaal alleen:
hij kringelde tot diep in de wonde
van mijn onderbuik
mijn rommelende darmen
mijn vel verbrand, harig
in mijn mond de nasmaak
van het bijtzoute water
en ik bleef vragen
ik was er, toch, het gebeurde, toch,
ik vroeg erom, ik vroeg erom,
ik vroeg erom
toch?
zie, daar rolt mijn hoofd, steeds verder,
de hobbelige heuvel af, monden trekken samen,
spasmes, gestamp, gehijg,
en het hoort
om de dader van het meest stiekeme
en intieme geweld te berechten,
is het belangrijk dat het mega onstiekem
en openbaar gebeurd is -
anders zien we ons
helaas toch genoodzaakt
om je terug de wereld
in te sturen als een liegende slet
ha ha Medusa, shhht Medusa
vunzige stinkende geile moBenhoer
hmmmmedusa you freak
I am already rock hard, baby
girls will be girls
girls will be girls oh
lilith, carrie, bloodybloodymary
britney, malala, frida and anuna
are Medusa’s leg hair tiny little snakes?
ja, over mij wordt gefezeld, maar tussen
welke dikdik-eroderende tempelmuren
spreekt men nog van lichamen
als laaiende lianen? Van orgiën,
stenen vissen,
een verpletterende oogopslag?
wat is een monster meer
dan een vermoeid woord,
een alles opslokkende o,
een treurige sisklank die je achtervolgt
in de straat waar ook jij
woont, gewoon
zoals mijn ogen
als tijdens een haka opengesperd
gewoon, zoals mijn haren niet meer in patronen
gevlochten willen worden, gewoon
zoals een mens met honderd wildzwiepende staarten
vingers verlangens, gewoon?
zie daar,
mijn hoofd,
als tuimelkruid,
door de vochtige weiden,
verder de heuvel af -
aaah
Medusa
shhhht
Medusa
wees stil
hu hu hu hu
hou je zonnebril aan
geen bevende handen hangen mij nog
zonder kokhalzen boven de deur
geen overstromend mens
dat zonder schuld durft te dansen
in de zompige ondergrond
van de dag, de nacht, de dag
de doodverveelde herhaling
geen monsters anti-monsters die het masker af
gewoon onze kinderen blijken te zijn en zie daar
mijn hoofd, dat rolt,
dat rolt,
dat blijft rollen en hoort
de economie van het verlangen
brokkelt af door háár inmenging
háár perversiteiten háár onverdragelijke
Medusa is my bitch
she’s the queen of female rage
men should feel grateful
that women only want
equal rights
and not revenge
woesssjjjjj
en het rolt verder, voortgestuwd
door de wasemende wind, doorheen
de grondmist tussen de wolkenkrabbers
door de asgrijze slierten, langs tesla’s slingerend
door de highlands, doorheen virussen modderige
metaverses door knetterend fijn stof
rolt het verder
terwijl het lacht en hoest en bloedt en
eindelijk stilvalt
op wat lijkt
een zwart strand
puin
een naamloze plaats
zonder coördinaten
waar tussen het donkere gruis
scherven glinsteren, daaronder
een pulserend netwerk van glansdraden
zingend, uitdijend, gifgroen wier
en dan
een zee die zich geen zee noemt
maar die terugtrekt
en nadert, en weer, en zingt komkom
zoet mormel, ondier, dochtergedrocht
komkom
Medusa, haaaa Medusa
pssssst Medusa, kom hier
(het hoofd sluit de ogen, eindelijk)
kom hier
lig maar, drijf maar
drijf maar met me
drijf maar weer me
met me
weer me
wee me
wee me
ww eee me
mee
Traduction du néerlandais (Belgique) par Françoise Antoine
noot
De beelden van ‘lichamen als laaiende lianen’ en ‘stenen vis’ komen uit het gedicht ‘Haar
mond’ van Hugo Claus.
“om de dader van het meest stiekeme / en intieme geweld te berechten, / is het
belangrijk dat het mega onstiekem / en openbaar gebeurd is - / anders zien we ons
helaas toch genoodzaakt / om je terug de wereld / in te sturen als een liegende slet”
komt uit een cartoon van Jip van den Toorn.
De Engelse citaten haalde ik uit verschillende internetmemes over Medusa.
Het beginmotto komt uit Monsters Toegelaten van Caro van Thuyne.
Astrid Haerens (1989) groeide op in Zwevegem en woont in Brussel. Ze behaalde een Master in Woordkunst aan het Conservatorium van Antwerpen. In september 2017 verscheen haar debuutroman Stadspanters bij uitgeverij Polis. Voorjaar 2022 verscheen haar poëziedebuut Oerhert bij uitgeverij Atlas Contact. De bundel won de Poëziedebuutprijs 2023 en werd genomineerd voor de Herman de Coninckprijs en de C. Buddingh’-prijs 2023. In april 2026 verschijnt Erosie, haar tweede roman, bij Atlas Contact. Haar werk is te lezen in diverse (internationale) literaire tijdschriften en op online platforms.
foto: astrid haerens © stine sampers